×
Kies uw land
Sluiten

Overzicht van de gemeentelijke en gewestelijke fiscaliteit in 2018 toegepast op kantoorgebouwen in België

Homepage > Insights > Whitepapers > Overzicht van de gemeentelijke en gewestelijke fiscaliteit in 2018 toegepast op kantoorgebouwen in België
Whitepapers
april 29, 2019

Ayming Belgium, specialist in Business Performance, en meerbepaald in vastgoedfiscaliteit, voerde een vergelijkende studie uit betreffende de belastingdruk op kantoorgebouwen in 2018.

Wat hun onroerende voorheffing betreft, kennen 2 op de 3 ondernemingen in Vlaanderen een fiscale druk op vastgoed die kleiner is dan 30% van het geïndexeerde KI; In Wallonië ervaren 4 op de 5 ondernemingen een fiscale druk groter dan 50%; In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ervaren 7 op de 10 ondernemingen een fiscale druk groter dan 50%.

België, het land waar de belastingen op kantoorgebouwen zich cumuleren:

  • Gebouwen behoren tot de zwaarst belaste goederen, meer bepaald door een cumulatie van belastingen geheven door verschillende overheden.
  • Hierdoor wordt het voor de belastingplichtige moeilijk om zijn fiscale lasten te beheersen, en moet hij meer middelen voorzien. Naast de zuiver logistieke aspecten moet het kiezen van de
    inplanting van kantoren zeer doordacht gebeuren voor wat de werkelijke kostprijs van de
    vastgoedfiscaliteit betreft.

Wallonië lijdt onder haar belasting stelsel in Luik, Charleroi en Namen. De gemeentes van Waals-Brabant doen het niet goed door hun eerste plaats in de rangschikking van gemeentes die het
minst belasting heffen.

Vlaanderen bekleedt een competitieve positie op het vlak van vastgoedfiscaliteit, en meer bepaald de grote tertiaire centra Antwerpen en Gent. Hoewel er gemeente- en provinciebelastingen geheven worden, blijven hun tarieven competitief.

Met een kantorenmarkt die hoofdzakelijk geconcentreerd is in Brussel-Hoofdstad (6,5 miljoen m²) lijkt het belasting stelsel van het Brussels Gewest op het eerste gezicht misschien interessant maar

  • Met de BGB is de fiscale druk uiteindelijk groter dan in de gemeentes van Vlaams-Brabant, die steeds meer tertiaire ondernemingen aantrekken met het voordeel van een lage belastingdruk (bovenop de afwezigheid van de BGB), aangevuld met interessante locaties op het vlak van mobiliteit.
  • Ook andere gemeentebelastingen (kantoren, parkings) drukken op de fiscale factuur van de belastingbetaler. De cumulaties in de gemeentes Schaarbeek, Sint-Joost-ten-Node, Evere, Sint-Agatha-Berchem zijn erg opmerkelijk.

Van het kadastraal inkomen tot het bedrag van de onroerende voorheffing geïnd door het Gewest: definities

De berekeningsbasis: het kadastraal inkomen

  • Fictieve waarde bepaald volgens verschillende criteria, die overeenstemt met het bedrag dat de eigenaar van het onroerende goed zou kunnen krijgen als huur gedurende één jaar.
  • Het kadastraal inkomen (KI) wordt vastgelegd voor een referentieperiode bepaald door de wet (jaar 1975) en wordt sinds 1991 jaarlijks geïndexeerd
    volgens een berekening gebaseerd op de evolutie van de consumptieprijsindex.
  • De bepaling van het KI is een exclusieve bevoegdheid van de federale overheid.
  • De onroerende voorheffing wordt op dezelfde manier berekend voor alle gebouwen. Het KI voor kantoorgebouwen is evenwel gemiddeld drie keer hoger dan het KI voor privéwoningen.

Het geïndexeerde kadastraal inkomen dient als berekeningsbasis:

  • van een gewestelijk aandeel: 1,25% van het geïndexeerde Kadastraal Inkomen voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en Wallonië, 2,5% voor Vlaanderen.

+ van een provinciaal aandeel, de opcentiemen voor de provincies, berekend op basis van het gewestelijke aandeel.

+ van een gemeentelijk aandeel, de opcentiemen voor de gemeentes, berekend op basis van het gewestelijke aandeel.

= Bedrag van de Onroerende Voorheffing op gebouwen, behalve mogelijke vrijstelling of ontheffing.

Studie uitgevoerd in april 2018

Studiegebied: belasting op gebouwen met focus op kantoren.

1. Vergelijking per gemeente van de druk van de onroerende voorheffing (OV) in 2018 op basis van het % van het geïndexeerde kadastraal inkomen (KI)
Methode: analyse van gegevens afkomstig van de 589 Belgische gemeentes, gekruist met interne gegevens

2. Brussels Hoofdstedelijk Gewest: focus op de regionale en gemeentelijke belastingen op de kantooroppervlakten en de eventuele belastingen op de parkeerplaatsen die erbij horen.
Methode: analyse van gegevens van openbare bronnen afkomstig van de 19 Brusselse gemeentes

Opmerkingen tonen